Woordenlijst
Begrippen
Privacy-termen die in deze gids voorkomen, kort en helder uitgelegd.
- 2FA
- Twee-factor authenticatie. Een tweede bewijsstap (code, key) bovenop je wachtwoord.
- Cookie
- Klein tekstbestand dat een site op je apparaat opslaat. Eerste-partij is meestal nuttig, third-party volgt je.
- Datalek
- Onbedoelde of kwaadwillende blootstelling van persoonsgegevens, vaak via een gehackt bedrijf.
- End-to-end-encryptie
- Versleuteling waarbij alleen verzender en ontvanger het bericht kunnen lezen — zelfs de dienstaanbieder niet.
- Fingerprinting
- Techniek waarbij je apparaat herkenbaar wordt aan een unieke combinatie van browserkenmerken.
- Metadata
- Gegevens over gegevens: wie communiceerde wanneer met wie, niet de inhoud zelf.
- Phishing
- Oplichting via nepberichten die je verleiden inloggegevens of geld af te staan.
- Profilering
- Het samenstellen van een dossier over jou op basis van je online gedrag.
- ShinyHunters
- Cybercrime-collectief dat enorme datasets met inloggegevens steelt en verhandelt.
- SIM-swap
- Aanval waarbij iemand jouw mobiele nummer overneemt om sms-codes te onderscheppen.
- Signal
- Open source app voor end-to-end versleutelde berichten en gesprekken.
- TOTP
- Tijdsgebonden eenmalige code, gegenereerd door een authenticator-app als tweede factor.
- Tor
- Anoniem netwerk dat verkeer via drie willekeurige relais routeert.
- Tracker
- Stukje code op websites of in apps dat je gedrag registreert en doorstuurt.
- VPN
- Virtual Private Network. Verbergt je IP-adres door verkeer via een server van de aanbieder te leiden.
- Wachtwoordmanager
- Versleutelde kluis die unieke, sterke wachtwoorden voor je opslaat en invult.